Vakantie Faeröer eilanden 2016
Heenreis
Op zondag 24 juli zijn we onmenselijk vroeg opgestaan, om 3:30 ging de wekker. Dit omdat Ciska en een vriendin om 8:30 al van Schiphol naar Londen vliegen om daar
twee weken een summerschool te volgen aan de St Mary's universiteit. Onze vlucht naar Kopenhagen vertrok zo'n 2 uur later. De tijd op Schiphol gedood met wat lezen
en voorbereiden op de reis en wat gegeten. Rond 10:45 vertrokken we dan eindelijk ook met een klein vliegtuig voor de ongeveer een uur durende vlucht naar Kopenhagen.
In Kopenhagen moesten we opnieuw een tijd wachten, zo'n 7 uur, op de aansluitende vlucht naar Vágar op de Faeröer eilanden. Omdat we geen zin hadden om
opnieuw een lange tijd op een vliegveld rond te hangen hebben we de handbagage in een kluisje gedaan en zijn we met de trein naar het centrum van Kopenhagen gegaan.
Eénmaal in het centrum zijn we naar het Hardrock Café gegaan om te lunchen. Maar daar was een
wachttijd van een uur dus hebben we alleen een t-shirt gekocht en zijn we naar het attractiepark Tivoli gegaan. Daar hebben we
geluncht en hebben we de rest van de middag doorgebracht.
Na het bezoek aan Tivoli zijn we met de trein terug gegaan naar het vliegveld. Om 19:00 vertrok de 2 uur durende vlucht naar Vágar, het enige vliegveld op
de Faeröer eilanden op het gelijknamige eiland. Even na 20:00 uur, het is op de Faeröer eilanden 1 uur vroeger dan in Nederland, landden we in Vágar.
Het is een erg klein vliegveld, dus we waren zo bij de bagageband. Maar eerst in de tax-free shop nog wat alcohol gekocht want dat is verder in het land bijna onbetaalbaar.
Als snel hadden we de bagage en konden we bij de autoverhuurder de auto gaan ophalen, een Toyota Yaris. Vanaf het vliegveld was het vervolgens nog
maar een paar kilometer rijden naar ons eerste hotel, Guesthouse Ró in Sørvágur.
Mykines
Voor de eerste dag hadden we een excursie geboekt naar het eiland Mykines voor de kust bij Sørvágur. Na het
ontbijt zijn we naar het haventje van Sørvágur gelopen om daar aan boord te gaan van de ferry naar Mykines. Het meest westelijke eiland van alle
Faeröer eilanden. Mykines is vooral bekend om zijn natuur, vogels en de wandeling naar de vuurtoren op het naastgelegen eilandje Mykineshólmur. Deze wandeling
zouden wij ook gaan doen onder leiding van een gids. Na aankomst op het eiland eerst via een trap omhoog richting het dorp en bovenaan de trap stond de gids al te
wachten. Met nog 2 anderen zijn we even later aan de wandeling begonnen. Het was gelukkig droog op een paar kleine spetters na, het waaide wel wat en de zon liet
zich op een paar mislukte pogingen na niet zien. De lucht was één grote grijze wolk en we zagen de mist soms in vlagen over het kleine eiland gaan.
De twee eilanden, Mykines en Mykineshólmur, zijn verbonden door een kleine brug, die ze hier trots de enige brug die de Atlantische oceaan overspant noemen, maar hij is
slechts een paar meter lang, veel meer zijn de 2 eilanden namelijk niet van elkaar gescheiden. Wij zijn echter niet zo ver gegaan. Voor de brug ga je via een glibberend
pad naar beneden en aan de andere zijde weer omhoog. Terug heb je hetzelfde en Hilleke zag dat niet zo zitten. Dus bij de grootste papegaaiduiker kolonie van de
Faeröer is de gids doorgegeaan met de andere 2 en hebben wij onze lunch gegeten en zijn daarna terug gelopen naar het dorp. In het
Kristianshús, het enige guesthouse / café in Mykines, hebben we wat gedronken en gegeten en vervolgens
hebben we het dorp Mykines bekeken. Er wonen nog slechts 10 mensen en de school heeft 1 leerling die les krijgt van 1 docent.
Om 5 uur ging de ferry terug naar het vasteland. Het waaide behoorlijk dus aan dek werden krgen we zo af en toe wat water over ons heen als de boot op de
golven klapte. Toen we terug waren in Sørvágur in het guesthouse eerst droge kleren aangedaan en daarna bij Hotel Vágar bij het vliegveld gegeten.
Vestmanna Bird Cliffs
Na twee nachten in Sørvágur gaan we naar onze volgende bestemming, de hoofdstad van de Faeröer eilanden: Tórshavn.
Omdat de afstanden op de eilanden niet groot zijn en er een uitstekend wegennet is, ben je zo van de ene naar de andere plaats gereden.
Voor in de middag hadden we om 14:30 een boottocht bij de Vestmanna bird cliffs geregeld. Onderweg daarheen zijn we nog bij een aantal plaatsen gestopt.
Als eerste naar Sandavágur gereden waar we alleen het schattige rood met witte kerkje van buiten hebben bekeken. Vervolgens naar Kvívík gereden
op het eiland Streymoy. Van het eiland Vágar naar Streymoy ga je door een toltunnel, de bijna 5 km lange Vágar Tunnel die onder de zee doorgaat en waarvan
het diepste punt op 105 meter onder de zeespiegel ligt.
Kvívík stelt verder niet veel voor, maar het is wel één van de oudste bewoonde plaatsen op de eilanden. Eén van de bezienswaardigheden
in het dorpje is een oude Viking nederzetting met de restanten van een long-house.
En verder heeft in het kerkje dominee Venceslaus Ulricus Hammershaimb de eerste stap gezet om het Faeröers de officiële taal van de kerk te maken,
dat was namelijk altijd het Deens. Op oudjaars avond 1855 was de dienst in het Faeröers en de toehoorders waren in schok en kwamen in opstand.
Ze beschouwden namelijk het Faeröers te boers voor het grote woord van God. De jonge dominee heeft het daarna niet meer aangedurft om het experiment te herhalen.
Van Kvívík naar Vestmanna is maar een klein stukje, dus waren we er veel te vroeg. Het weer was ook niet geweldig, veel miezer regen. Dus zijn we naar
de Tourist Info aan de haven gegaan. Daar was ook een restaurant in gevestigd waar we eerst geluncht hebben. In hetzelfde pand is ook het
Sagamuseum gevestigd. Een museum waar met behulp van wassen beelden de saga's uit de historie
van de eilanden worden uitgebeeld. Sommige van deze voorstellingen zien er overigens behoorlijk geweldadig en bloederig uit.
Om 14:30 begon de 2 uur durende boottocht langs de Vestmanna bird cliffs. Helaas regende het het grootste deel van de tocht.
Maar toch zo lang mogelijk buiten aan dek gestaan om foto's van de kliffen en de grotten in de kliffen te maken. Op sommige plaatsen zijn de kliffen zo ver
uitgehold dat er een soort klein binnenmeer is ontstaan waar de boot ook in of doorheen kan varen. Wel een spectaculaire tocht, maar met mooi weer zou het
wel indrukwekkender zijn geweest.
Na 2 uur waren we weer terug in de haven, na nog een warme kop koffie in het restaurant zijn we naar Tórshavn gereden. Daar hebben we twee nachten overnacht
in hotel Tórshavn in een grote kamer met uitzicht op de haven. Parkeren was echter lastiger, ivm het St Olavs festival
zijn er geen onbeperkt gratis parkeerplaatsen. Overal moet je een parkeerschijf gebruiken met gratis parkeren van 15 min tot max 4 uur tussen 's ochtends 9 en
's middags 6 uur. Dus regelmatig de auto verplaatsen of de schijf verzetten.
's Avonds hebben we een heerlijke vismaaltijd gegeten in Barbara Fish House. Niet goedkoop maar wel erg lekker gegeten.
Overigens is alles op de Faeröer eilanden behoorlijk prijzig. Veel moet namelijk geïmporteerd worden vanuit het buitenland, maar ook dingen die ze wel
lokaal hebben als vis en wollen kleding zijn duur.
Tórshavn
Woensdag na het onbijt Tórshavn ingegaan. De oude wijk Undir Ryggi is het meest interessante deel van de stad, althans voor toeristen. Smalle kronkelige straatjes met
leuke huisjes. De daken van de meeste huizen in deze wijk zijn bedekt met gras. Een leuke wijk om doorheen te slenteren en waar je steeds weer nieuwe straatjes ontdekt.
Even uitrusten om wat te eten of the drinken kun je bij de diverse restaurantjes langs de haven in de Undir Bryggjubakka. Verder is er nog het fort Skansin waar vanaf je een
mooi zicht over de stad en de haven hebt. Echter met een paar uur heb je deze belangrijkste attracties van de stad wel gezien.
Kirkjubøur
Nadat we de stad hadden gezien zijn we met de auto het één en ander in de omgeving van de stad gaan bekijken. Als eerste zijn we naar Kirkjubøur
gereden. Deze plaats, een paar kilometer zuidelijk van Tórshavn, was historisch erg belangrijk voor de eilanden. De eerste bisschop van de eilanden zetelde
zich hier rond 1100. En vanuit hier werden grote stukken grond door de kerk geconfiskeerd. In Kirkjubøur zijn drie belangrijke gebouwen te zien:
- De Magnus Kathedraal, deze impossante kathedraal is gebouwd rond 1300 en meet zo'n 27 bij 11 meter. Hij is echter nooit afgebouwd en hij staat er nu nog net zo bij als 700 jaar geleden. Er staan alleen een paar muren zonder dak. Waarschijnlijk omdat de muren zo'n 1,5 meter dik zijn heeft het heftige Faeröese weer, wind en regen, weinig vat gehad op de staat van het gebouw. Overigens is men nu bezig met restauratie werkzaamheden en is er een dak gemaakt. Dit maakt het geheel er overigens niet mooier op.
- De Roykstovan boerderij, deze oude houten boerderij stamt uit de 11e eeuw en was vroeger de woning van de bisschop. De boerderij is nu het oudste nog bewoonde houten huis van Europa. De familie Patursson, die deze boerderij al eeuwen geleden verkreeg, woont al 17 generaties in deze boerderij.
- De Ølavskirkjan kerk, deze kerk is de oudste kerk van de Faeröer eilanden die nog steeds in gebruik is. Hij is waarschijnlijk gebouwd in 1111 en diende als kathedraal tijdens de middeleeuwen. Sindsdien is de kerk diverse malen verbouwd en generoveerd. De belangrijkste waren in 1874 (om te voorkomen dat de kerk in zee zou storten) en in 1966.



