Vakantie Faeröer eilanden 2016
Gjógv
Enigszins uitgeslapen vandaag, na het ontbijt eerst Gjógv bekeken. Het is een klein plaatsje, maar het is beroemd door de natuurlijke haven, een ongeveer 200 meter lange kloof.
Overigens moeten de boten bij hevige storm wel uit de haven worden getakeld langs een helling om te voorkomen dat ze op de rotsen kapot slaan. Na nog wat door het dorp met zijn
mooi geschilderde huizen te zijn gelopen zijn we in de auto gestapt om een rondje over het eiland Eysturoy te maken.
Rondrit over Eysturoy
Alhoewel een rondje niet echt mogelijk is, vanaf de hoofdweg over het eiland gaan er allemaal wegen richting zee die daar ergens eindigen in een onooglijk klein plaatsje. Je
moet dus bijna alle wegen 2 keer rijden. Maar gelukkig zijn de afstanden op de Faeröer eilanden niet zo groot. Waarschijnlijk wordt dit de eerste vakantie naar een land waar
we op bijna alle wegen van het land hebben gereden.
We zijn in diverse plaatsen geweest, teveel om allemaal op te noemen. Onderweg hebben we gelunched in Fuglafjørður in restaurant Muntra. Verder deze dag ook weer de
nodige miezer regen gehad, soms was het een tijdje droog, dan miezerde het weer. Echt hard regenen doet het overigens niet vaak, over het algemeen is het wat gemiezer. Rond een
uur of 5 waren we klaar met het rondje en weer terug bij het hotel. Iedere zondag is er namelijk een buffet en dat leek ons wel wat. Verder zijn er namelijk toch geen
restaurants in de buurt. In de grote plaatsen zoals Tórshavn is er voldoende keus, maar in de kleinere plaatsen ben je aangewezen op het hotel.
Terwijl we aan het eten waren bleek dat het buiten helemaal was opgeklaard en we zowaar de overkant van het fjord konden zien en de bergen in de buurt zaten ook niet meer in de
mist. Na het eten de camera's maar weer gepakt en nog een wandeling naar de kust gemaakt om foto's te maken van blauwe lucht zonder mist en regen! Rond een uur of 10 scheen de
zon mooi op de bergen aan de overkant. Een voorbode voor wat beter weer de komende paar dagen dat we nog op de Faeröer eilanden zijn.
Naar Klaksvík
Arjans verjaardag, 52 alweer. Na te zijn toegezongen door Ciska vanuit Londen via WhatsApp zijn we gaan ontbijten. Na het ontbijt vertrokken we vanuit Gjógv en zijn we
op pad gegaan naar ons volgende hotel in Klaksvík op het eiland Borðoy. Uiteraard niet direkt, maar via een omweg anders zijn we er binnen een uur. Op Eysturoy hadden
we nog niet alle wegen gehad, we moesten nog naar het meest oostelijke deel van het eiland. Als eerste zijn we naar Toftir gereden. Daar zijn we gestopt bij een wol winkel,
Navia, waar ze allerlei producten zoals truien, mutsen enz verkopen, alsmede bollen wol. Hilleke wilde een muts kopen voor Ciska, maar zoals
overal op de eilanden is ook hier alles belachelijk duur. Dus dat hebben we niet gedaan. In plaats daarvan heeft Hilleke een aantal bollen speciale wol gekocht en een patroon
om zelf een muts te kunnen breien. Na het bezoek aan de winkel nog even langs de haven in Toftir gewandeld. Het was vandaag namelijk droog! Behalve anderhalve spetter onderweg
hadden we nog geen regen gezien. Vanuit Toftir zijn we naar Rituvík en Runavík gereden. Tussen Rituvík en Runavík zijn we gestopt bij een meertje,
Toftavatn, Meer van Toftir, met veel vogels en we hebben daar een wandeling van ongeveer een uur gemaakt.
Na de wandeling hebben we in Saltangará bij Runavík gelunched bij café Cibo. Na de lunch zonder stoppen
doorgereden naar Klaksvík. Door twee tunnels, de eerste door een berg en de tweede onder de zee door. Deze laatste, de Norðoyatunnilin, is ook weer een toltunnel
en is met 6300 meter de langste tunnel van de Faeröer eilanden en gaat tot een diepte van 150 meter onder de zeespiegel.
Klaksvík
In Klaksvík moesten we even zoeken naar het hotel, Hotel Klaksvík, maar we hadden het al snel gevonden.
We hadden een kamer op de bovenste verdieping (geen lift) met uitzicht over de stad en de haven. Klaksvík heeft zo'n 4500 inwoners en is daarmeen na Tórshavn de
2e grootste stad van het land. Na te hebben ingecheckt in het hotel hebben we een wandeling door de stad gemaakt. Daar ben je ook snel uitgekeken, groot is het namelijk niet
zoals hiervoor al genoemd. Bij café Friða koffie gedronken met een stuk taart ter ere van Arjans verjaardag. Daarna terug naar het hotel om een restaurant te vinden voor
het eten. Dat was ook niet erg eenvoudig. Sommige waren dicht op maandag, andere serveerden eten tot 7 uur. Buiten het hotel eten blijkt toch lastiger dan je zou denken in dit land.
Uiteindelijk een steakhouse gevonden niet ver bij het hotel vandaan, steakhouse Carthage.
Noordelijke eilanden
De volgende dag een rondrit gemaakt over een aantal van de noordelijke eilanden van de Faeröer eilanden. Dat zijn de eilanden die het eenvoudigst met een auto bereikbaar zijn:
Kunoy, Viðoy en Kalsoy en nog wat van Borðoy, het eiland waar ook Klaksvík op ligt. De twee overige eilanden Svinoy en Fugloy zijn alleen met een ferry bereikbaar
waar geen auto op kan of zijn per helicopter te bereiken. Helicopters zijn overigens een normale vorm van openbaar vervoer op de Faeröer eilanden. Wij hebben het niet gedaan
omdat je als toerist maar 1 vlucht per dag mag maken en als je dus alleen even een eiland voor een dag wilt bezoeken kun je dus niet dezelfde dag terug met de helicopter of je moet
met een boot en een bus terug. Als eerste naar Kunoy gereden en daar wat rond gereden. Daar terug naar Borðoy en naar het plaatsje Muli gegaan. De weg daarheen was de slechtste
weg die we hebben gehad deze vakantie. Alle wegen op de eilanden zijn uitstekend en goed te berijden. De tunnels door de bergen zijn soms 1-baans tunnels met uitwijkvakken voor als
je tegenligger tegenkomt. Sommige tunnels zijn ook niet verlicht en dan rijdt je dus echt in het pikkedonker, als het dan ook nog eens 1-baans is, is dat wel een spannende ervaring.
Echt kort zijn ze namelijk ook niet, de meeste zijn enkele kilometers lang.
Het weer was overigens weer goed vandaag, wel wat kleine spetters gehad, maar verder goed weer en gelukkige geen mist. De temperatuur heeft zelfs een record van 15 graden gehaald!
Bij Múli een stuk door het (verlaten) dorp gelopen en op een steen genoten van het mooie weer en uitzicht op het eiland Viðoy. Vervolgens dezelfde weg terug en naar
Viðareiði op Viðoy gereden. Zowel Kunoy als Viðoy zijn middels een dam verbonden met het eiland Borðoy. In Viðareiði zagen we een restaurant,
tijd voor koffie. Daar kwamen we ook een ander Nederlands gezin tegen, gezellig wat gepraat en samen koffie met gebak genuttigd.
Daarna terug naar Klaksvík, we wilden ook nog met de ferry naar Kalsoy, maar daar was het zo druk dat we niet meer mee konden. Voor de volgende moesten we 1,5 uur wachten
en dan zouden we maar 1,5 uur hebben op het eiland om de ferry terug te halen. Dat wilden we niet doen, temeer daar de overtocht heen en terug zo'n 40 euro is. We zijn dus maar
in Klaksvík gebleven, hebben de kerk bekeken en nog een keer koffie met gebak genuttigd bij café Friða, net als de dag ervoor. 's Avonds hebben we heerlijk gegeten
bij restaurant Hereford.
Terug naar Vágar
Woensdag 3 augustus is de laatste hele dag van de vakantie op de Faeröer eilanden, donderdag ochtend vliegen we terug. Voor we uit het hotel vertrokken in het hotel alvast
online ingechecked voor de vlucht terug naar Nederland. Na het ontbijt hebben we uitgechecked en zijn we gaan rijden naar het eiland Vágar waar we onze reis 1,5 week
eerder zijn begonnen. Eenmaal terug op het eiland Vágar zijn eerst naar Sandavágur gereden om de Trollenvinger te bekijken, een in zee staande puntige rots die
op een vinger lijkt. Die wilden we dinsdag een week eerder al bekijken, maar het weer was toen te slecht. Vandaag is het goed weer, helder en droog, alhoewel er zo af en toe
een minimaal spatje regen valt. Maar dat mag eigenlijk geen naam hebben. Arjan is bij de Trollenvinger nog een stuk de klif opgelopen.
Vanaf Sandavágur naar Bøur gereden, een allerliefelijkst dorpje aan de kust. Hier hebben we even doorheen gewandeld en het schattige kerkje bewonderd en ook van
binnen bekeken. Vervolgens door naar Gásadalur. Dit is een klein dorpje met slechts een handvol inwoners. vroeger was het niet bereikbaar per auto, maar voor deze paar
inwoners is er een tunnel gemaakt. Weliswaar een 1-baans tunnel, maar toch, het is bereikbaar. Als eerste na de tunnel is er de waterval van Gásadalur. Een van de
mooiste watervallen van de Faeröer en je ziet hem ook overal in toeristische folders staan. Hij stort van grote hoogte vanaf de klif in zee.
Op Youtube is een filmpje van de waterval te zien tijdens een enorme storm waarin hij omhoog stroomt.
Vervolgens zijn we naar Gásadalur zelf gegaan en hebben daar een wandeling gemaakt over de klif en genoten van het prachtige weer. De laatste dagen van de vakantie maken
het weer van vorige week helemaal goed.
Vervolgens dezelfde weg terug en gestopt in Sørvágur, het eerste dorp waar we deze vakantie 2 nachten verbleven. In de supermarkt nog wat boodschappen gedaan en
de auto volgetankt omdat we de huurauto met een volle tank moeten inleveren en vervolgens naar Hotel Vágar gereden. Het hotel ligt
op loopafstand van het vliegveld. Na te hebben ingechecked in het hotel hebben we de auto naar het vliegveld gereden om hem in te leveren. Dat scheelt een dag autohuur en in
het hotel hebben we geregeld dat we om 8 uur met een shuttlebus naar het vliegveld worden gebracht. Vanaf het vliegveld zijn we terug naar het hotel gelopen en daar hebben
we vervolgens ook gegeten.
Terugreis
Donderdag 4 augustus ging de wekker al vroeg, om 6:30, we worden namelijk om 8 uur opgehaald door een busje om naar het vliegveld te worden gebracht. Eerst nog ontbeten en
vervolgens de bagage in de lobby neergezet. Op dat moment kwam er ook net een man de lobby in, dat was een taxichauffeur die ons naar het vliegveld zou brengen. Geen busje dus,
maar een auto voor ons samen. Na een ritje van 2 minuten waren we bij het vliegveld. Het vliegveld is zo klein dat we binnen no-time de bagage hadden afgegeven. Om 8:30
stonden we al in de tax-free shop. Nog wat laatste dingen gekocht en toen naar de gate gelopen, gate 1 (van 2). Precies om 9 uur vertrokken we, na nog en foto te heben gemaakt
vanuit het vliegtuig van Sørvágur met Mykines op de achtergrond zijn we opgestegen.
Na een rustige vlucht landden we even voor 12 uur (lokale tijd) in Kopenhagen. Hier hadden we ruim 3 uur voor onze vlucht naar Amsterdam vertrok. Nu op het vliegveld
gebleven omdat de tijd te kort was om naar Kopenhagen zelf te gaan zoals op de heenreis.
Om 15:20 vertrok de vlucht naar Amsterdam dus om kwart voor drie richting de gate gegaan. Daar stond een bus te wachten die ons even later via een toeristische rondreis over
het vliegveld bij het vliegtuig afzette. Opnieuw zo'n zelfde miniscuul geval als op de heenreis. Precies op tijd vertrokken en na ruim een uur landden we op Schiphol.
Bagage was er vrij snel en vervolgens QuickParking gebeld dat we zijn aangekomen en opgehaald willen worden. Vervolgens hebben we dus nog een half uur moeten wachten voor ze er
waren. Ze hebben nu een grote bus ipv kleine busjes en het duurt dus allemaal veel langer. Voor een volgende reis zullen we moeten gaan zoeken naar een nieuwe parkeerservice
en QuickParking kan zijn naam beter veranderen in SlowParking. Uiteindelijk dan toch bij de auto gekomen en naar huis gereden waar we rond een uur of 7 aankwamen,
het einde van een korte maar mooie vakantie naar de Faeröer eilanden.



